Het Automatic Identification System (AIS) is een systeem op schepen, hetgeen informatie verschaft aan zowel andere schepen alswel instanties aan wal. Dergelijke informatie omvat informatie over het schip, haar positie, alswel de vaarsnelheid- en richting en eventuele extra informatie aangaande de reis. Automatic Identification System is het mariene equivalent van het air traffic control systeem.
Het systeem is in 2003 ingevoerd en wordt zowel op open zee alswel op het binnenwater (Inland-AIS) toegepast. De positie wordt bepaald met een GNSS-systeem, de vaarrichting met een gyrokompas. Deze gegevens worden vervolgens automatisch met bepaalde tussenpozen via een VHF-zender verzonden. Deze gegevens worden vervolgens ontvangen door andere schepen of grondstations aan wal. Veelal worden de gegevens gelijk geplot op een kaart, zoals ook gebeurt bij een radar-systeem.
Het interval tussen de berichten kan variëren van enkele seconden tot enkele minuten, afhankelijk van de snelheid van het schip. Communicatie is mogelijk tussen schepen onderling, van het schip naar de wal, maar ook omgekeerd. Dit laatste kan handig zijn in geval bij extreme drukte op de vaarroute.
Ook kunnen AIS gegevens worden gebruikt om scheepsroutes in kaart te brengen, zoals de afbeelding hieronder duidelijke routes voor Groot-Brittannië laat zijn, gebasseerd op een grote dataset van AIS gegevens van meerdere dagen gedurende een jaar.
Een voordeel van AIS ten opzichte van radar is, naast de lagere kosten, dat men niet gehinderd wordt door obstakels tussen de schepen, zoals de kust of hoge gebouwen. Een nadeel is dat niet ieder vaartuig uitgerust is met AIS. Wereldwijd zijn 70.000 schepen uitgerust met AIS-transponders. Alle internationale schepen groter dan 300 ton, vrachtschepen groter dan 500 ton en alle passagiersschepen zijn verplicht om AIS-transponders aan boord te hebben. Maar met name de pleziervaart heeft geen AIS aan boord. Het is daarom niet mogelijk om AIS als zelfstandig systeem te zien.
Voor AIS-systemen zijn via SenterNovem Europese subsidies beschikbaar.
Satellite AIS
Het AIS systeem stelt de havenautoriteiten en kustwacht in staat om de zeevaart in de gaten te houden. Maar de VHF signalen hebben een horizontaal bereik van slechts 40 nautische mijlen (74 km). Dit betekent dat AIS alleen beschikbaar is binnen kustwateren en tussen schepen onderling. De zeevaart op open zee vormt een verontrustende blinde vlek voor maritieme organisaties en veiligheidsinstanties.
AIS-signalen planten zich in verticale richting veel verder voort. Als onderdeel van het Columbus-module is ESA bezig met een experiment om de wereldwijde scheepvaart verkeer te monitoren vanaf het Internationaal Ruimtevaartstation (ISS). De ISS is door z’n baan om de aarde een ideaal platform om de AIS-ontvangers te testen: z’n hoogte van 400 km is laag genoeg voor een hoge ontvangstzekerheid van schepen en hij passeert de meeste van ’s werelds drukste vaarroutes.
Een plot AIS-signalen ontvangen in de periode van 2-7 juni 2010 door het ISS [Norwegian Defence Research Establishment]
Om die signalen in de ruimte te ontvangen hoeven deze transponders niet te worden aangepast. Het enige probleem is dat in drukbevaren gebieden als de Noordzee, Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan bij de kust van de Verenigde Staten de satellieten de AIS-signalen niet meer uit elkaar kunnen houden, omdat veel verzonden signalen de satelliet gelijktijdig bereiken. De schepen hebben daar geen last van, omdat de signalen op zeeniveau maar een beperkt bereik hebben, van horizon tot horizon. De satelliet ontvangt echter alle signalen. Daarnaast zijn er storende radiosignalen van nabije frequenties. Die drukken de op die afstand nog maar zwakke AIS-signalen makkelijk weg.
Op het moment worden door het ‘Deutsche Zentrum für Luft- und Raumfahrt (DLR)', het Canadese exactEarth, en het Luxemburgse Luxspace microsatellieten ontwikkeld om AIS-signalen van schepen op te vangen in de ruimte. De Duitsers lossen het probleem van ontvangst van vele signalen tegelijk op door de satelliet uit te rusten met zeer lange antennes, die allemaal op een beperkt deel van de zee of oceaan zijn gericht. Het focussen op een klein gebied maakt een hoge ontvangstzekerheid mogelijk. Hij staat gepland om eind 2010 in een 600 kilometer hoge polaire baan om de aarde te worden gebracht. Het Canadese exactEarth brengt drie microsatellieten in een baan om de aarde waarmee wereldwijd AIS-signalen van zee- en binnenvaartschepen kunnen worden opgevangen.

