CoBios richt zich vooral op de Noordzee en Oostzee, terwijl Asimuth zich vooral op de Ierse zee en de kustwateren van Zuid-Europa focust. Het doel van de bijeenkomst was elkaar informeren over nationale ontwikkelingen in het kader van monitoren en modelleren van (schadelijke) algenbloei.
Satellietbeeld in natuurlijke kleuren van spectaculaire algenbloei in de Noordzee. De algen kleuren de wervels in het zeewater groen en blauw; ze duiden op voedselrijk water. Datum: 4 juni 2010. Instrument: MODIS. Satelliet Aqua. [NASA/OceanColor Web]
De algenbloeidiensten worden in veel landen operationeel ingezet (zie de portals hieronder). Een duurzame inbedding en financiering ontbreekt veelal. ESA en EC projecten zorgen mede voor noodzakelijke financiering voor continuering van de dienstverlening. De publieke dienst wordt nu gratis geleverd, waarbij de (semi)overheidsorganisatie veelal verantwoordelijk is. In Nederland is dit de Waterkamer van Rijkswaterstaat (RWS). RWS is zelf niet een echte eindgebruiker. Eindgebruikers van de algenmonitoringsdienst zijn veelal vissers, mosselkwekers, gemeenten (zwemwaterkwalititeit) of regionale diensten.
De upfront ontwikkelingskosten zijn relatief hoog en lopen nog steeds door doordat elk land, elke regio zijn eigen specifieke algensoort(en) heeft waarop de dienstverlening (modellen) aangepast moet zijn. De jaarlijkse beheerskosten zijn relatief laag (systeem kan autonoom draaien). Verder is de maatschappelijke opbrengst zeer hoog indien calamiteiten voorkomen kunnen worden. In 2001 veroorzaakte algenbloei €20 miljoen schade bij de mosselkwekers. Bij een tijdige waarschuwing kunnen dergelijke schades voorkomen worden.
Meer informatie is te vinden bij Rijskwaterstaat:
Buitenlandse diensten en portals:
- Bathing water (DHI, Denemarken)
- Nausicaa (monitor webportal inclusief toegang tot satellietbeelden, Het Kanaal & Noordzee, Frankrijk)
- PREViMer (Frankrijk)
- Baltic sea portal (Finland)
- Helcom map service (Finland)
- Neodaas (Verenigd Koninkrijk)
- IDOD-informatiesysteemt (België)